PLL / lENS lUXATIE

Bij de jack russell komt lens luxatie voor een erfelijke oogafwijking die via een DNA Test bij de ouder dieren of pups aan kan geven of de hond het goede dus vrije gen heeft of het foute gen. 

Dit is een grote stap voorwaarts in de fokkerij naar een gezonde jack russell.

Vraag bij de aanschaf van een pup of de ouders DNA getest zijn of dat ze via vererving

(omdat grootouders getest zijn) vrij zijn van het verkeerde gen.

Hier onder nog een artikel over PLL gehaald van het internet voor meer informatie, vraag dus bij de fokker na of de honden zijn gecontroleerd via een DNA Test voor PLL  voor u een pup aanschaft.


Een mutatie die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van primaire lensluxatie in talrijke hondenrassen werd geļdentificeerd door de genetici die werkzaam zijn bij het Genetisch Centrum van de Kennel Club, de Animal Health Trust, onder leiding van Dr. Cathrijn Mellersh, in samenwerking met Dr. David Sargan ( Cambridge University) en Dr. David Gould ( Davies Veterinaire specialisten ).
Primaire Lens Luxatie (PLL) is een erkende, pijnlijke en verblindende erfelijke oogaandoening die hondenrassen treft.
Bij de getroffen honden zijn de zonular vezels die dienen ter ondersteuning van de lens defect of desintegreren, waardoor de lens in de verkeerde positie in het oog valt .Als de lens in de voorste kamer valt ontstaat er een glaucoom waardoor verlies van het zicht snel kan optreden. Het team van wetenschappers heeft een mutatie van het gen geļdentificeerd dat verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van de PLL in verschillenden rassen, met inbegrip van de Miniatuur Bull Terriėr, de Lancashire Heeler, Tibetaanse Terriėr, Jack Russel Terriėr, Parson Russel Terriėr, de Pattendale Terriėr, de Sealyham terriėr en de Chinese Crested hond.
Een DNA test, die door de Animal Healt Trust kan worden gebruikt om de genotype van de hond vast te stellen met betrekking van de mutatie, is reeds beschikbaar.
Honden zullen worden geļdentificeerd als
 CLEAR/VRIJ
Vrije honden bezitten twee normale kopieėn van het betreffende DNA gen Onderzoek heeft aangetoond dat deze honden geen PLL ontwikkelen ten gevolge van mutatie. Dit sluit echter niet uit dat ze het kunnen krijgen wegens een andere oorzaak , zoals trauma (verwonding van het oog) of ten gevolge van andere, niet geļdentificeerde mutaties.
 CARRIER/DRAGER
Dragers zijn honden die een kopie hebben van het gemuteerde gen en een normaal gen van het DNA. Onderzoek heeft aangetoond dat de dragers een zeer laag risico hebben om PLL te ontwikkelen. Het merendeel van de dragers zal geen PLL ontwikkelen tijdens hun leven slechts bij een klein percentage gebeurt dit wel. Er zijn momenteel naar schatting tussen de 2% - 20% van de dragers die de aandoening zullen ontwikkelen. Dienaangaande wordt evenwel aangenomen dat het werkelijke percentage dichter bij 2% dan 20% ligt. Op dit moment weten we nog niet waarom de ene drager de ziekte ontwikkeld en de andere niet. Daarom is het raadzaam de drager te laten onderzoeken bij gespecialiseerde dierenartsen/oogartsen om de 6- 12 maanden vanaf de leeftijd van 2 jaar, gedurende hun hele leven
 CASE/LIJDER
Deze honden hebben twee exemplaren van het gemuteerde gen en zullen vrijwel zeker PLL ontwikkelen tijdens hun leven. Wij
adviseren daarom om de ogen van alle genetisch getroffen honden te laten onderzoeken door een dierenarts oogarts om de 6 maanden, vanaf de leeftijd van 18 maanden, zodat de klinische symptomen van PLL zo vroeg mogelijk vastgesteld kunnen worden.


Advies/ Advies voor fokkers
Onderzoek heeft eveneens aangetoond dat de frequentie van de PLL mutatie extreem hoog is in de door PLL getroffen rassen die bestudeerd werden. Dit betekent dat het verplichten om alleen te fokken met CLEAR/Vrije honden een verwoestende invloed kan hebben op ras diversiteit wat de kans op nieuwe erfelijke ziekten aanzienlijk verhoogt. Het is aangeraden om het DNA van alle fokdieren te laten onderzoeken om zo het genotype te bepalen. Er dient van uitgegaan om enkel vrije honden en dragers te gebruiken voor de fok. Er zorg voor dragend dat dragers alleen met vrije honden gekruist worden. Alle pups uit een nest waarvan ten minste een CARRIER/drager ouder is, dienen te worden DNA getest Hierdoor kunnen de dragers worden geļdentificeerd zodat die hun ganse leven klinisch kunnen worden opgevolgd. Deze manier van werken dient minstens één of twee generaties te worden toegepast om zo het foute PLL gemuteerde gen langzaam te elimineren zonder een ernstige vermindering van de genetische diversiteit van het ras in gevaar te brengen. Fokkers zullen een schatting krijgen van de risico’s van elke hond tot zijn eventuele ontwikkeling van PLL Primaire lensluxatie). Zo zullen ze, afhankelijk van het genotype van de hond, in staat zijn om weldoordachte beslissingen te nemen en zo de risico’s op aangetaste honden te minimaliseren.

Er bestaat echter een kleine kans dat er een drager geboren gaat worden als 1 van de ouder dieren niet getest is, maar gepaard is aan een DNA normale hond. De kans echter dan een drager problemen gaat krijgen wordt heel klein geacht.